Hoofdcategorieën
Home » Overige » Het geheime rivaalschap tussen Hot & Not {in de maak} » Het telefoongesprek
Het geheime rivaalschap tussen Hot & Not {in de maak}
Het telefoongesprek
Ik was me kapot geschrokken! NOT, een rivaal van HOT, had Lilly en Noa ontvoerd! Omdat HOT een magische hoorn bezat die NOT wilde hebben! En ze hadden eigenlijk Thijs en mij willen ontvoeren, maar dat was niet gelukt! En ze kwamen erachter dat Lilly en Noa in onze klas zaten en toen hadden ze hen maar meegenomen! Spoort dat archeologenbedrijf wel? Hoe moeten Lilly en Noa zich wel niet voelen? Ze hebben geen flauw idee wat er gebeurd!
Ik zat boven Duits te leren, maar ik kon me niet echt concentreren.
Wacht, dat ga ik vertalen.
Ich bin oben, ich war Deutsch zu lernen, aber ich...
Daar klopte dus helemaal niks van!
Gestresst gooide ik mijn Duits boek op d egrond en startte mijn computer op. Misschien wist Thijs al meer. Die was zich vast ook dood geschrokken. Ik had mijn ouders nog gevraagd of de ouders van Lilly en Noa ingelicht waren, maar dat was nog niet gebeurd. "Omdat ze niet wisten wat ze moesten zeggen."
Dus zouden Thijs' ouders dat doen. Ik had ook gevraagd waarom ze die stomme hoorn niet gewoon aan NOT kunnen geven, maar dat wilden ze absoluut niet horen. "Omdat die hoorn wensen kan vervullen en als die in de verkeerde handen valt en blablabla."
Volgens mij hadden onze ouders teveel fantasy boeken gelezen. Een hoorn die wensen kon vervullen, ja hoor! En ik ben de paashaas. Als ze nou niet zo in hun fantasie zouden leven, zouden ze die "magische" hoorn gewoon aan NOT geven en dan waren Lilly en Noa vrij. Maar nee, daar was HOT veel te eigenwijs voor.
Thijs was online.
Joris zegt: Heb je het al gehoord?
Thijs zegt: De sukkels.
Joris zegt: Wie?
Thijs zegt: HOT natuurlijk! Geloof jij dat die zogenaamde magische hoorn wensen kan vervullen?
Joris zegt: Niet echt.
Thijs zegt: Nou dan! De sukkels.
Joris zegt: HEbben je ouders de ouders van Lilly en Noa al gebeld?
Thijs zegt: Ja. De ouders van Noa waren heel verbaasd, want die hadden een sms van Floor gekregen dat Noa bij haar bleef slapen. Ze waren ook heel bang maar vertrouwen onze ouders wel omdat ze gezegd hadden dat Noa snel vrij zou komen. De ouders van Lilly waren overstuur en wilden meteen de politie bellen, maar ze zijn uiteindelijk overtuigd dat dat niet gaat. Met die hoorn enzo.
Joris zegt: Floor!?
Thijs zegt: Ja, ik vond het ook al zo raar.
Joris zegt: Misschien is het een truc van NOT.
Thijs zegt: Misschien. Ik vind het stom dat HOT die hoorn gewoon niet geeft.
Joris zegt: Ja. Zeg, Thijs, heb jij het mobiele nummer van Lilly of Noa?
Thijs zegt: Ja. Hoezo?
Joris zegt: Wil je dat ze vrijkomen?
Thijs zegt: Ja, natuurlijk!
Joris zegt: Probeer Noa of Lilly te bellen en vraag waar ze is. Zeg tegen je ouders dat je morgen bij Sander blijft slapen. Morgen uit school gaan we Noa en Lilly zoeken.
Thijs zegt: Trappen onze ouders daar in?
Joris zegt: Ik hoop het.
Thijs zegt: Ik probeer Noa te bellen.
Joris zegt: Oké.
Thijs zegt: Ik moet nu gaan.
Joris zegt: Oké. Doei!
Thijs zegt: Doei.
Het kleine straaltje licht, dat we kregen via het raampje, was bijna verdwenen. Dat betekende dat de nacht eraan kwam. Ik verlangde naar mijn warme bed...
Ik wilde huilen, even al mijn gevoelens eruit gooien, maar dat kon ik niet. Ik kon niet huilen, niet van buiten. Dat kwam omdat men mij als een vrolijk persoon zag, die altijd positief was. Zo iemand wilde ik zó graag zijn en dat was ik ook wel, maar tegelijkertijd was ik zo makkelijk te kwetsen, al liet ik dat van buiten niet zien. Ik was diep gekwetst, want mijn ouders hadden me nog niet eens gebeld. Ik had het gevoel dat ze niets om me gaven. Ik wist dat ze dat wel deden en dat NOT waarschijnlijk iets had gedaan zodat onze ouders niet ongerust waren, maar het voelde niet goed. Belde iemand me maar. Maakt niet uit wie. Toch was ik niet van plan op te geven. Ik haalde mijn mobiel uit mijn zak en begon mijn thuisnummer in te toetsen.
'Uw beltegoed is: Nul cent.'
'Verdomme!' Ik beet op mijn lip. 'We komen hier uit! Ik beloof het!'
'Hoe?' zei Lilly.
Ik gaf geen antwoord. Ineens voelde ik mijn mobieltje trillen.
'Iemand belt!' fluisterde ik.
'Wie?' fluisterde Lilly terug.
Ik keek op het display en was nog nooit zo verbaasd geweest.
Thijs belt.
'T-Thijs,' fluisterde ik.
'Neem op!' siste Lilly.
'H-Hoi!' stotterde ik. 'Met Noa.'
'Noa! Heb je je mobiel? Waarom bel je niemand?'
'Mijn beltegoed is op,' zei ik. 'Maar Thijs, luister. Lilly en ik -'
'Ik weet het. Ik weet wat er gebeurd is. En ik weet ook waarom.'
'Huh, hoezo?'
'Dat is nu even bijzaak. Weet je waar je bent?'
'Niet precies.'
'Probeer het te omschrijven.'
'Oké... Volgens mij is het een kilometer of vijf van school af. In een loods, bij een groot bos.'
'Dan denk ik dat ik weet waar het is. Joris en ik komen naar jullie toe.'
'Ben je gek! Weet je niet hoe gevaarlijk dat is!?'
'Je begrijpt het niet, Noa. Dit is onze schuld.'
'...'
'Mijn ouders en de ouders van Joris hebben een archeologenbedrijf, HOT, en...'
'Noa!' gilde Lilly.
Toen zag ik het. Er stond een man onderaan de trap. Hij keek me dreigend aan.
'Wie heb je aan de lijn?' vroeg hij.
'Niemand,' zei ik.
'Noa, wat is er aan de hand?' vroeg Thijs geschrokken.
De man rukte de traliedeur open, na de sleutel in het slot gestoken te hebben en liep met een pistool in zijn hand op me af.
'Wie heb je aan de lijn?' vroeg hij nog dreigender.
'Niemand,' zei ik met een brok in mijn keel.
De man gaf onverwachts een hele harde klap met zijn pistool. Ik wankelde en viel achterover. Mijn mobiel viel mee en barstte uit elkaar in duizend stukjes.
Kapot.
Niemand zou ooit te weten komen dat ik Thijs aan de lijn had. Ik kwam met een harde klap neer op de grond en proefde bloed. Dat was vast een bloedneus. Of lip. Of whatever. Ik krabbelde overeind.
'Wie had je aan de lijn?'
Hij zette het pistool op mijn hoofd.
Mijn hart klopte in mijn keel van angst en ik sloot mijn ogen om hem niet aan te hoeven kijken. Als Thijs en Joris en hun families echt de schuld hadden aan deze ontvoering, zou Thijs in grote problemen komen als ik hem zou verraden. Dat zou ik nooit, maar dan ook nooit doen. Al moest ik er voor sterven.
'Als je me vermoord, zul je er nooit achter komen,' zei ik slim.
Ik klonk best kalm, terwijl ik me in werkelijkheid verschrikkelijk voelde. Ik was bang voor de dood. Omdat ik niet wist wat er na de dood zou gebeuren.
De man liet zijn pistool zakken en toen durfde ik mijn ogen weer open te doen.
'Als ik je nu een blauw oog sla, kun je nog steeds praten,' zei de man.
'Al breek je allebei mijn benen, ik zeg niks,' zei ik.
De man draaide zich om om weg te lopen, maar dat was een schijnbeweging. Onverwachts gaf hij me nog een klap en ik viel weer op de grond en schaafde met mijn arm langs de tralies. De tranen stonden in mijn ogen.
'Laat dit een waarschuwing zijn voor je brutaliteit,' zei de man.
Hij smeet de traliedeur dicht en verdween.
'Noa!' riep Lilly. 'Gaat het wel.'
'Ze rende naar me toe en rolde langzaam mijn mouw op. 'Dat ziet er niet goed uit!'
'Ik voel me prima,' zei ik en ik duwde mijn mouw naar beneden.
Als Thijs en Joris hier naartoe zouden komen, werden ze allebei vermoord. Waarom waren ze het dan ook van plan? Ik wilde dat ik nooit verteld had waar we zaten. De pijn van de schaafwond brandde in mjn arm. Ik wilde huilen, maar de tranen wilden niet stromen.
Ik lag in bed. Het was nu minstens één uur en ik had Noa nog minstens vijf keer gebeld. Maar telkens kreeg ik de voicemail. Wat was er gebeurd? Het enige wat ik nog had gehoord was Lilly die Noa's naam riep en Noa die zei: 'Niemand.'
Had iemand van NOT haar betrapt? Wat was er met haar gebeurd? Ging het goed met haar? Al die vragen knaagden aan me. En ik was zo bang dat Joris en ik te laat zouden zijn morgen, dat ze Noa en Lilly misschien al lang vermoord hadden of zoiets...
Nee! Dat kon niet! Dan was het allemaal mijn schuld! En die van HOT! Als ze Noa en Lilly zouden vermoorden, zou ik dat HOT nooit vergeven. Ook niet als ik niet verliefd op Noa zou zijn!
Met die gedachte, schoot ik recht overeind.
Dus het was waar. Ik wí¡s verliefd op Noa.
Ik pakte mijn mobiel en belde haar nog één keer.
'Dit is de voicemail van -'
Ik klikte het gesprek weg. Het was hopeloos. Ik kon niet tegen dode voicemailbandjes aanpraten. Dode... Hoe toepasselijk. Nu moest ik echt ophouden! Noa en Lilly waren níét dood!
Lilly!
Ik zocht Lilly op in mijn telefoonboek en klikte op de groene toets.
'Dit is de voicemail van -'
Kwaad klikte ik het gesprek weg. Ik legde mijn mobiel weg en ging weer liggen. Ik kon nu niets meer doen. Het was beter als ik ging slapen.
Waar Noa en Lilly waren... Dat was de geheime loods van NOT. Ik had Joris nog gesproken op MSN, na mijn gesprek met Noa. En hij had op de computer van zijn ouders informatie gevonden over NOT. Inclusief de locatie van hun geheime schuilplaats. Het was net een film, daar hadden de "slechterikken" ook altijd een geheime schuilplaats. En ontvoering vonden ook vaak plaats bij een loods. Maar dit was geen film, dit was echt. Zouden Noa en Lilly ooit kunnen slapen in die enge loods? Ik had ongelofelijk veel medelijden met ze. Ik vroeg me af waarom Joris zo overtuigd was om Noa en Lilly te gaan zoeken. Zag hij dit als een avonturenfilm waarin hij de hoofdrol speelde? Je wist het maar nooit met Joris. Toen hij op MSN had voorgesteld om Noa en Lilly te gaan zoeken, had ik nog wel even getwijfeld. Was het niet veel te gevaarlijk? Ik wist het antwoord wel. Het was inderdaad veel te gevaarlijk. Maar als we niet in zouden grijpen, wie dan wel? Onze ouders waren zo blij dat Joris en ik niet ontvoerd waren, dat ze de gevolgen voor Noa en Lilly bijna niet zagen.
Ik zuchtte en pakte de klassenfoto van mijn nachtkastje. Noa en Lilly zaten naast elkaar, allebei vrolijk lachend. De volgende klassenfoto mocht níét zonder hen zijn. Ik smeet mijn klassenfoto ergens de kamer in, draaide me om en sloot mijn ogen.
Ik kon natuurlijk niet de hele nacht gaan liggen piekeren...
Reacties:
Er zijn nog geen reacties op dit verhaal.